Anna Karina

79, Parijs, 14 december, kanker

 Oorspronkelijk Deens steractrice, zangeres en regisseur, geboren als Hanne Karen Bayer. Icoon van de nouvelle vague, mede door haar samenwerking (en huwelijk) met regisseur Jean-Luc Godard. Zilveren Beer voor de titelrol in Une femme est une femme (Godard, 1961). Kwam in 1958 liftend naar Parijs en kreeg als model haar artiestennaam van Coco Chanel. Speelde eerste filmrol in de Deense korte film Pigen og skoene (Ib Schmedes, 1959) maar debuteerde in het Frans in Ce soir ou jamais (Michel Deville, 1961). Wees voorstel om in À bout de souffle (Godard, 1960) te spelen af, omdat ze niet naakt voor de camera wilde verschijnen. Godard zou op 3 maart 1961 met haar trouwen en vervolgens regisseren in Vivre sa vie: Film en douze tableaux(1962), Le petit soldat (1963), Bande à part/De clan van Parijs (1964), Alphaville, une étrange aventure de Lemmy Caution (1965), Pierrot le fou (1965), Made in U.S.A. (1966) en een segment van Le plus vieux métier du monde (1967). Ze speelde met Godard samen de hoofdrollen in de korte film Les fiancés du Pont MacDonald (ou méfiez-vous des lunettes noires) die onderdeel uitmaakte van Cléo de 5 à 7 (Agnès Varda, 1962). Onder meer te zien in het Britse She’ll Have to Go (Robert Asher, 1962), Les quatre vérités (segment Hervé Bromberger, 1962), de titelrol van Shéhérazade (Pierre Gaspard-Huit, 1963), de documentaire Le joli mai (Chris. Marker en Pierre Lhomme, 1963), Dragées au poivre (Jacques Baratier, 1963), La ronde (Roger Vadim, 1964), De l’amour (Jean Aurel, 1964), Le voleur de Tibidabo (Maurice Ronet, 1965), Le soldatesse (Valerio Zurlini, 1965), La religieuse/De non (Jacques Rivette, 1966), de voor haar door Serge Gainsbourg geschreven tv-film Anna (Daniel Koralnik, 1967), waarin ze ook zingt, Zärtliche Haie/Tendres requins (Deville, 1967), Lamiel (Aurel, 1967), Lo straniero/L’étranger (Luchino Visconti, 1967), de Britse producties The Magus (Guy Green, 1968), Before Winter Comes (J. Lee Thompson, 1968) en Laughter in the Dark (Tony Richardson, 1969), het Duitse Michael Kohlhaas – Der Rebell (Volker Schlöndorff, 1969), het Amerikaanse Justine (George Cukor, 1969) en The Salzburg Connection (Lee H. Katzin, 1972), Le temps de mourir (André Farwagi, 1970), L’alliance (Christian de Chalonge, 1971), het Belgische Rendez-vous à Bray (André Delvaux, 1971), het Italiaanse Pane e cioccolata (Franco Brusati, 1974) en L’invenzione di Morel (Emido Greco, 1974), L’assassin musicien (Benoît Jacquot, 1976), Les oeufs brouillés (Joël Santoni, 1976), het Duitse Chinesisches Roulette (tegenover haar toenmalige partner Ulli Lommel; Rainer-Werner Fassbinder, 1976) en Ausgerechnet Bananen (Lommel, 1978), Chaussette surprise (Jean-François Davy, 1978), het Hongaarse Olyan, mint otthon/Just Like Home (Márta Meszáros, 1978), L’ami de Vincent (Pierre Granier-Deferre, 1983), Treasure Island (Raoul Ruiz, 1985), Dernier été à Tanger (Alexandre Arcady, 1987), L’oeuvre au noir (Delvaux, 1988), Haut bas fragile (Rivette, 1995), The Truth about Charlie (Jonathan Demme, 2002) en Moi, César, 10 ans ½, 1m39 (Richard Berry, 2003). Schreef, regisseerde en speelde de hoofdrol in Vivre ensemble (tevens productie; 1973) en de Canadese coproductie Victoria (2008). Na Godard gescheiden van scenarioschrijver Pierre Fabre, acteur-regisseur Daniel Duval en regisseur Dennis Berry.

Plaats een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.