Gerard Schurmann

96, Hollywood Hills CA, 24 maart, doodsoorzaak onbekend

 In Nederlands-Indië als Gerard Schürmann geboren oorspronkelijk Nederlands componist en dirigent. Zoon van pianiste Elvire Dom. Verwierf de Britse nationaliteit, vanaf 1980 in de VS. Studeerde muziek (piano en compositie) in Engeland, diende tijdens de oorlog in het Nederlandse eskadron van de RAF en werd cultureel attaché op de Nederlandse ambassade in Londen (1945-48). Daarna dirigent bij de NRU (Nederlandse Radio Unie). Schreef naast viool- en pianoconcerten, cantates, kamermuziek en een opera veel filmmuziek, te beginnen met de Nederlandse productie Niet tevergeefs/But Not In Vain (Edmond T. Gréville, 1948). Orkestreerde filmcomposities van vooral zijn leermeester Alan Rawsthorne, sinds 1951. Onder meer eigen scores voor de Ealing-producties The Long Arm/The Third Key/Politie zonder wapen (Charles Frend, 1956) en The Man in the Sky (Charles Crichton, 1957), de Hammer-films The Camp on Blood Island (Val Guest, 1958) en The Lost Continent (Michael Carreras, 1968), alsmede The Two-Headed Spy (André De Toth, 1958), The Headless Ghost (Peter Graham Scott, 1959), Horrors of the Black Museum (Arthur Crabtree, 1959), Cone of Silence/Trouble in the Sky (Frend, 1960), Konga/I Was a Teenage Gorilla (John Lemont, 1961), The Ceremony/De beul moest wachten (Laurence Harvey, 1963) en Dr. Syn, Alias the Scarecrow (James Neilson, 1963). Eerste Amerikaanse productie: The Bedford Incident (James B. Harris, 1965), gevolgd door Attack on the Iron Coast (Paul Wendkos, 1968). Schreef later nog soundtracks voor het Italiaanse Claretta (Pasquale Squitieri, 1984) en de Nederlands-Hongaars-Britse Dostojevski-verfilming The Gambler (Károly Makk, 1997). Orkestreerde klassiek geworden scores van Ernest Gold voor Exodus (Otto Preminger, 1960) en Cross of Iron (Sam Peckinpah, 1977) en van Maurice Jarre voor Lawrence of Arabia (David Lean, 1962).

Plaats een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.