Irene Papas

96, Chilomodi (Korinthia), 14 september, ziekte van Alzheimer

Grieks actrice en zangeres, geboren als Irene Lelekou. Internationale ster die zowel in Griekse als Italiaans-, Frans- en Engelstalige films te zien was. Hoofdrollen in vier films met een Oscarnominatie voor beste film: het Britse The Guns of Navarone (J. Lee Thompson, 1961) en Anne of the Thousand Days (als Catharina van Aragon; Charles Jarrott, 1964), het Griekse Alexis Zorbas/Zorba the Greek (Michael Cacoyannis, 1964) en het Franse Z (Costa-Gavras, 1969). Maakte haar filmdebuut in Hamenoi angeloi/Fallen Angels (Nikos Tsiforos, 1948), gevolgd door het in Cannes vertoonde Nekri politeia/Dead City (top-billed; Frixos Iliadis, 1951). De Griekse filmindustrie kon slecht uit de voeten met de eigenzinnige nieuwkomer, die uitweek naar Italië, waar ze speelde in films als Le infedeli (Mario Monicelli en Steno, 1953), Vortice (Raffaello Matarazzo, 1953), Teodora, imperatrice di Bisanzio (Riccardo Freda, 1954) en Attila (Pietro Francisci, 1954). Hollywooddebuut tegenover James Cagney in Tribute to a Bad Man/De wet van de prairie (Robert Wise, 1956). Daarna enkele Griekse films, waaronder het nationale epos Bouboulina (top-billed; Kostas Andritsos, 1959). Ook was ze te zien in films naar klassieke tragedies als Antigoni (top-billed in de titelrol; Yorgos Tzavellas, 1961), Ilektra (top-billed in de titelrol; Cacoyannis, 1962), The Trojan Women (als Helena; Cacoyannis, 1971) en Ifigeneia (top-billed als Klytaimnistra; Cacoyannis, 1977).

Voorts in films als het Britse The Moon-Spinners (James Neilson, 1964),  het Duits-Joegoslavische Zeugin aus der Hölle (top-billed; Zika Mitrovic, 1966), het Franse Roger la Honte (Freda, 1966), het Griekse Ta skalopatia/The Steps (top-billed; Leonard Hirschfield, 1966), het Italiaanse A ciascuno il suo/Ieder het zijne (Elio Petri, 1967), het Spaans-Amerikaanse The Desperate Ones/Beyond the Mountains (Alexander Ramati, 1967), de Italiaanse miniserie Odissea/De Odyssee (als Penelope; 1968), het Amerikaanse The Brotherhood (Martin Ritt, 1968) en A Dream of Kings/Matsoukas, de Griek (Daniel Mann, 1969), het Italiaanse Un posto ideale per uccidere/Oasis of Fear (top-billed; Umberto Lenzi, 1971), Roma bene (Carlo Lizzani, 1971) en Non si sevizia un paperino/Don’t Torture a Duck (Lucio Fulci, 1972) en het Joegoslavische Sutjeska (Stipe Delic, 1973). Daarna in bij voorbeeld Le farò da padre /Bambina (Alberto Lattuada, 1974), de miniserie Moise/Moses the Lawgiver (top-billed als Zipporah; Francesco De Bosio, 1974), The Message (als Hind; Moustapha Akkad, 1976), Noces de sang/Bodas de sangre/De bloedbruiloft (top-billed; Souheil Ben-Barka, 1977), Cristo si è fermato a Eboli (Francesco Rosi, 1979), Bloodline/Sidney Sheldons Bloodline (Terence Young, 1979), Omar Mukhtar/Lion of the Desert (Akkad, 1980), Eréndira (top-billed; Ruy Guerra, 1983), Into the Night (John Landis, 1985), The Assisi Underground (Ramati, 1985), Sweet Country (Cacoyannis, 1987), Cronaca di una morte annunciata/Kroniek van een aangekondigde dood (Rosi, 1987), High Season (Clare Peploe, 1987), Island (top-billed; Paul Cox, 1989), Pano, kato kai plagios/Up, Down and Sideways (top-billed; Cacoyannis, 1992), Party (Manoel de Oliveira, 1996), de miniserie The Odyssey (als Antikleia; Andrei Konchalovsky, 1997), Inquietude (De Oliveira, 1998), Yerma (Pilar Távora, 1998), Captain Corelli’s Mandolin (John Madden, 2001), Um filme falado/A Talking Picture (De Oliveira, 2003) en Ecuba – Il film (tevens coregie met Giuliana Berlinguer, 2004). Nam als zangeres albums op met de componisten Mikis Theodorakis en Vangelis.  Gescheiden van regisseur Alkis Papas en producent José Kohn. Lange relatie met acteur Marlon Brando.

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.