Niki List

52, Wenen, 1 april, natuurlijke dood

Oostenrijks regisseur, scenarioschrijver en producent. Won in 1983 de Max Ophülsprijs (voor de beste Duitstalige film) voor zijn regiedebuut Café Malaria/Malaria. Kreeg nog meer bekendheid met de musical Müllers Büro (1986). In beide films speelde List ook een rol als acteur. Laatste film: Nick Knatterton – Der Film (2002).

Müllers Büro

Miguel Ángel Suárez

69, Guaynabo bij San Juan, 1 april, slokdarmkanker

Porto Ricaans acteur. Speelde in veel soaps, maar ook in films als Bananas (Woody Allen, 1972), Stir Crazy (Sidney Poitier, 1980), Havana (Sydney Pollack, 1990), Under Suspicion (Stephen Hopkins, 2000) en als een legerarts in Che: Part One (Steven Soderbergh, 2008).

Monte Hale

89, Studio City CA, 29 maart, na een lange ziekte

Amerikaans westernacteur, gitarist en zanger, pseudoniem van Buren Ely. Was als zingende cowboy de ster van een flink aantal B-films bij de onafhankelijke maatschappij Republic Pictures en ook van een stripreeks. Debuteerde zingend in The Big Bonanza (George Archainbaud, 1944). Eerste hoofdrol in Home on the Range (R.G. Springsteen, 1946), gevolgd door The Man from Rainbow Valley (Springsteen, 1946), Out California Way (Lesley Selander, 1947), Last Frontier Uprising (Selander, 1947), Along the Oregon Trail (Springsteen, 1947), Under Colorado Skies (Springsteen, 1947), California Firebrand (Philip Ford, 1948), The Timber Trail (Ford, 1948), en Son of God’s Country (Springsteen, 1948), steeds als Monte Hale. Ook in Prince of the Plains (Ford, 1949), als Buffalo Bill Cody in Law of the Golden West (Ford, 1949), Ranger of Cherokee Strip (Ford, 1949) en als Pat Garrett in Outcasts of the Trail (Ford, 1949). Kleine rollen in Giant (George Stevens, 1956) en The Chase (Arthur Penn, 1966). Gescheiden van zangeres Cherie De Castro.

Maurice Jarre

84, Los Angeles, 28 maart, kanker

Frans componist en dirigent. Een van de productiefste en bekendste componisten van filmmuziek. Won drie Oscars voor films van David Lean: Lawrence of Arabia (1962), Doctor Zhivago (1965) en A Passage to India (1984). Nog zes andere Oscarnominaties, voor de adaptatie van de muziek in Les dimanches de ville d’Avray/Sundays and Cybele (Serge Bourguignon, 1962), het liedje Marmalade, Molasses & Honey uit The Life and Times of Judge Roy Bean (John Huston, 1972) en de originele scores van The Message (Mustapha Akkad, 1976), Witness (Peter Weir, 1985), Gorillas in the Mist (Michael Apted, 1988) en Ghost (Jerry Zucker, 1990). Studeerde slagwerk aan het conservatorium in Parijs. Schreef aanvankelijk toneelmuziek, bijvoorbeeld voor regisseur Jean Vilar. Eerste filmmuziek voor de korte documentaire Hôtel des Invalides (Georges Franju, 1952). Daarna de korte documentaires Toute la mémoire du monde (Alain Resnais, 1956), Le théâtre national populaire (Franju, 1956) en Vel’ d’Hiv (Frédéric Rossif en Guy Blanc, 1960), de korte speelfilms Sur le pont d’Avignon (Franju, 1957) en Le bel indifférent (Jacques Demy, 1957), de lange documentaire Mourir à Madrid (Rossif, 1963) en onder meer de lange speelfilms La tête contre les murs (Franju, 1959), Les yeux sans visage (Franju, 1960), Crack in the Mirror (Richard Fleischer, 1960), Le président (Henri Verneuil, 1961), Thérèse Desqueyroux (Franju, 1962), The Longest Day (Ken Annakin, Andrew Marton en Bernhard Wicki, 1962), Judex (Franju, 1963), Behold a Pale Horse (Fred Zinnemann, 1964), The Train (John Frankenheimer, 1964), Weekend à Zuydcoote (Verneuil, 1964), The Collector (William Wyler, 1965), Paris brûle-t-il?/Is Paris Burning? (René Clément, 1966), The Professionals (Richard Brooks, 1966), Gambit (Ronald Neame, 1966), Grand Prix (Frankenheimer, 1966), The Night of the Generals (Anatole Litvak, 1967), La vingt-cinquième heure (Verneuil, 1967), Villa Rides (Buzz Kulik, 1968), 5 Card Stud (Henry Hathaway, 1968), The Fixer (Frankenheimer, 1968), Isadora (Karel Reisz, 1968), La caduta degli dei/The Damned (Luchino Visconti, 1969), Topaz (Alfred Hitchcock, 1969), The Only Game in Town (George Stevens, 1970), El Condor (John Guillermin, 1970), Ryan’s Daughter (Lean, 1970),

Plaza Suite (Arthur Hiller, 1971), Soleil rouge/The Red Sun (Terence Young, 1971), Pope Joan (Michael Anderson, 1972), The Effect of Gamma Rays on Man-in-the-Moon Marigolds (Paul Newman, 1972), The MacKintosh Man (Huston, 1973), Ash Wednesday (Larry Peerce, 1973), Grandeur nature (Luis García Berlanga, 1974), The Island at the Top of the World (Robert Stevenson, 1974), Mandingo (Fleischer, 1975), Posse (Kirk Douglas, 1975), The Man Who Would Be King (Huston, 1975), Shout at the Devil (Jerzy Skolimowski, 1976), The Last Tycoon (Elia Kazan, 1976), Jesus of Nazareth (Franco Zeffirelli, 1977), Crossed Swords/The Prince and the Pauper (Fleischer, 1977), March or Die (Dick Richards, 1977), La tortue sur le dos (Luc Béraud, 1978), Die Blechtrommel (Gouden Palm; Volker Schlöndorff, 1979), Winter Kills (William Richert, 1979), The Magician of Lublin (Menahem Golan, 1979), The Black Marble (Harold Becker, 1980). Resurrection (Daniel Petrie, 1980), Omar Mukhtar: Lion of the Desert (Akkad, 1981), Die Fälschung (Schlöndorff, 1981), Taps (Becker, 1981), Firefox (Clint Eastwood, 1982), The Year of Living Dangerously (Weir, 1982), Young Doctors in Love (Garry Marshall, 1982), Au nom de tous les miens/For Those I Loved (Robert Enrico, 1983), Top Secret! (Jim Abrahams, David en Jerry Zucker, 1984), Mad Max beyond Thunderdome (George Miller, 1985), The Bride (Franc Roddam, 1985), Enemy Mine (Wolfgang Petersen, 1985), Tai-Pan (Daryl Duke, 1986), The Mosquito Coast (Weir, 1986), No Way Out (Roger Donaldson, 1987), Fatal Attraction (Adrian Lybe, 1987), Gaby: A True Story (Luis Mandoki, 1987), Moon over Parador (Paul Mazursky, 1988), Dead Poets Society (Weir, 1989), Enemies: A Love Story (Mazursky, 1989), Jacob’s Ladder (Lyne, 1990), Only the Lonely (Chris Columbus, 1991), Mr. Jones (Mike Figgis, 1993), Fearless (Weir, 1993), A Walk in the Clouds (Alfonso Arau, 1995), The Sunchaser (Michael Cimino, 1996), Sunshine (István Szabó, 1999) en I Dreamed of Africa (Hugh Hudson, 2000). Kreeg dit jaar in Berlijn een speciale Gouden Beer voor zijn hele oeuvre. Vader van componist Jean-Michel Jarre en scenarioschrijver Kevin Jarre.

Maurice Jarre dirigeert in 1992 het Royal Philharmonic Orchestra bij een uitvoering van het thema van Lawrence of Arabia

Steven Bach

70, Arlington VT, 25 maart, kanker

Amerikaans producent, filmwetenschapper en schrijver. Was als vicepresident van United Artists verantwoordelijk voor het fiasco van Heaven’s Gate (Michael Cimino, 1980), een western met een budget van 7 miljoen dollar die 35 miljoen zou gaan kosten en nauwelijks een cent opbracht. Het betekende de ondergang van United Artists en daarvoor al het ontslag van Bach. Hij schreef in 1985 het boek Final Cut: Dreams and Disaster in the Making of ‘Heaven’s Gate’ , een gedetailleerd verslag van hoe het zover had kunnen komen. Het wordt algemeen beschouwd als een van de beste boeken over de werkwijze van Hollywood. Het zou verfilmd worden als de documentaire Final Cut: The Making and Unmaking of ‘Heaven’s Gate’ (Michael Epstein, 2004). Bach promoveerde in de jaren zeventig op een proefschrift over Josef von Sternberg. Later zou hij biografieën schrijven van Marlene Dietrich (1992), Leni Riefenstahl (2007) en toneelschrijver Moss Hart (2001). Aanvankelijk story editor en onafhankelijk producent bij Pantheon Pictures (Butch and Sundance: The Early Days, Richard Lester, 1979). Was bij UA ook verantwoordelijk voor hits als Annie Hall (Woody Allen, 1977), Manhattan (Allen, 1979), The French Lieutenant’s Woman (Karel Reisz, 1981) en Raging Bull (Martin Scorsese, 1980).

Begin van Final Cut, de documentaire

Martin Brozius


Ren je rot

67, Amsterdam, 24 maart, natuurlijke dood

Nederlands televisiepresentator, kleinkunstenaar en acteur. Speelde een sleutelrol in de populaire kinderserie Kunt u mij de weg naar Hamelen vertellen, meneer? (Harrie Geelen, 1972-75) en presenteerde voor de TROS het jeugdspelprogramma Ren je rot (1973-82). Bescheiden filmrollen in The Little Ark (James B. Clark, 1971), Peter en de vliegende autobus (Karst van der Meulen, 1976), de korte film De blauwe wind (Sacha Barraud, 1983) en Terrorama! (Edwin Brienen, 2001).

Trailer van Peter en de vliegende autobus, met Lex Goudsmit en Joost Prinsen