Christian Poveda


54, Rosario, El Salvador, 2 september, doodgeschoten in zijn auto

In Algerije geboren Frans-Spaans fotograaf en documentairemaker, voluit Christian Gregorio Poveda Ruiz. IDFA vertoonde vorig jaar zijn documentaire La vida loca (2008), over de zogeheten maras, uiterst gewelddadige jeugdbendes in El Salvador. Als fotograaf werkte hij onder meer voor Time en kreeg bekendheid door een serie over het Polisario-bevrijdingsfront in de Westelijke Sahara.

Turi Vasile


87, Rome, 1 september, natuurlijke dood

Italiaans scenarioschrijver, producent en regisseur. Debuteerde als co-scenarist van Due lettere anonime (Mario Camerini, 1945). Schreef ook films als Processo alla città (Luigi Zampa, 1952), Les sept péchés capitaux (episode van Eduardo De Filippo, 1952), Altri tempi (Alessandro Blasetti, 1952), Il mondo le condanna (Gianni Franciolini, 1953) en I vinti (Michelangelo Antonioni, 1953). Schreef en regisseerde tussen 1957 en 1960 zes speelfilms, waarvan I colpevoli (1957) en de Totò-komedie Gambe d’oro (1958) de grootste bekendheid verwierven. Produceerde titels als Io la conoscevo bene (Antonio Pietrangeli, 1965), Operazione San Gennaro (Dino Risi, 1966), Violenza al sole (Florestano Vancini, 1968), I bastardi (Duccio Tessari, 1968), Il padre di famiglia (Nanni Loy, 1969), I tulipani di Haarlem (Franco Brusati, 1970), Anonimo Veneziano (Enrico Maria Salerno, 1970), Roma (Federico Fellini, 1972), Pane e cioccolata (Brusati, 1973), Il viaggio (Vittorio de Sica, 1974), Schock (Mario Bava, 1977), The Squeeze (Antonio Margheriti, 1978) en Killer Fish (Margheriti, 1979),

Arnold van Kernebeek


55/56?, Groningen?, 1? september, longkanker

Nederlands bioscoopoperateur en -historicus. Draaide vooral in Groningen, aanvankelijk voor de theaters van Abeln, daarna voor Pathé. Verzamelde informatie over de gechiedenis van bioscopen en zette die op een eigen website, www.bioscoopgeschiedenis.nl. Daarin werd per provincie een inventarisatie gemaakt van alle filmtheaters uit heden en verleden. Helaas is de site uit de lucht en niet meer te raadplegen.

Mady Rahl


94, München, 29 augustus, doodsoorzaak onbekend

Duits actrice, pseudoniem van Edith Gertrud Meta Reschke. Debuteerde in een korte film van de latere Douglas Sirk, Zwei Genies (Hans Detlev Sierck, 1934). Speelde in vele UFA-producties: Zu neuen Ufern (met Zarah Leander; Sierck, 1937), Truxa (met La Jana; Hans H. Zerlett, 1937), Hallo Janine! (met Marika Rökk en Johannes Heesters; Carl Boese, 1939), Mein Mann darf es nicht wissen (top-billed; Paul Heidemann, 1940), Krach im Vorderhaus (top-billed; Heidemann, 1941), Hab mich lieb (met Rökk; Harald Braun, 1942). Bleef na de oorlog onverminderd populair, in films als Die Wirtin von Maria Wörth (Eduard von Borsody, 1952), Gefangene der Liebe (Rudolf Jugert, 1954), Stimme der Sehnsucht (met Rudolf Schock; Thomas Engel, 1956), Der Fremdenführer von Lissabon (met Vico Torriani; Hans Deppe, 1956), Ober zahlen (met Hans Moser; E. W. Emo, 1957), Der Jungfrauenkrieg (Hermann Kugelstadt, 1957), Haie und kleine Fische (Frank Wisbar, 1957), Schön ist die Welt (met Schock; Géza von Bolváry, 1957), Träume von der Südsee (met Torriani; Harald Philipp, 1957), Das Herz von St. Pauli (Eugen York, 1957), Der Greifer (York, 1958), Immer die Radfahrer (Deppe, 1958), Nacht fiel über Gotenhafen (Wisbar, 1959), Geliebte Bestie (Arthur Maria Rabenalt, 1959), de Edgar Wallace-films Der Fälscher von London (Harald Reinl, 1961) en Der Hund von Blackwood Castle (Alfred Vohrer, 1968), Die weisse Spinne (Reinl, 1963), Liebesgrüße aus Tirol (Franz Antel, 1964), Das Wirtshaus von Dartmoor (Rudolf Zehetgruber, 1964), Situation Hopeless…But Not Serious (Gottfried Reinhardt, 1965), Le malizie di Venere/Venus in Furs (Massimo Dallamano, 1969) en Karl May (Hans-Jürgen Syberberg, 1974).

Wayne Tippit


76, Los Angeles, 28 augustus, complicaties van longemfyseem

Amerikaans bijrolacteur. Vaak gecast als arts of politieman. Onder meer in Tell Me That You Love Me, Junie Moon (Otto Preminger, 1970), Rollercoaster (James Goldstone, 1977), Taps (Harold Becker, 1981), The Dream Team (Howard Zieff, 1989), Madhouse (Tom Ropelewski, 1990), JFK (Oliver Stone, 1991) en Nurse Betty (Neil LaBute, 2000). Vooral veel theater en televisie, bijvoorbeeld in een vaderrol in Melrose Place (1993-94).

Henk van Ulsen

82, Bussum, 28 augustus, doodsoorzaak onbekend

Nederlands acteur. Won in 1970 de Louis d’Or voor zijn rol in de voorstelling De heersende klasse en vierde triomfen in het theater als De wijze kater van Herman Heijermans (1963) en in de monoloog Dagboek van een gek (vier versies, vanaf 1965). Was op televisie de jeune premier in de allereerste sitcom, het door Annie M.G. Schmidt geschreven Pension Hommeles (1957-58). Speelde de hoofdrol in de bioscoopfilm De vergeten medeminnaar (John Korporaal, 1963). Ook in de speelfilms De mannetjesmaker (Hans Hylkema, 1983), De schorpioen (Ben Verbong, 1984), Thomas en Senior op het spoor van Brute Berend (Karst van der Meulen, 1985), De ratelrat (Wim Verstappen, 1987) en Suske en Wiske: De duistere diamant (Rudi Van Den Bossche, 2004), alsmede de korte film Jongens jongens, wat een meid (Pim de la Parra,1965). In 1980 benoemd tot ridder in de orde van Oranja Nassau.

Met Maya Bouma, Donald Jones en Mieke Verstraete in Pension Hommeles