Peter Fonda

79, Los Angeles, 16 augustus 2019, longkanker.

Amerikaans acteur, regisseur en scenarioschrijver. Zoon van acteur Henry Fonda, jongere broer van actrice Jane Fonda. Werd een held van de tegencultuur door het megasucces van de lowbudgetfilm Easy Rider (Dennis Hopper, 1969), die Fonda, hoofdrolspeler naast Hopper en de voor een bijrol-Oscar genomineerde Jack Nicholson, ook een Oscarnominatie bezorgde voor het beste originele scenario (samen met Hopper en Terry Southern). Tegen het eind van zijn acteercarrière werd Fonda voor een tweede keer genomineerd, dit keer voor de hoofdrol van een getroebleerde imker in Ulee’s Gold (Victor Nunez, 1997).

Na een acteerdebuut tegenover Sandra Dee in Tammy and the Doctor (Harry Keller, 1963) en weinig opvallende bijdragen aan The Victors (Carl Foreman, 1963), Lilith (Robert Rossen, 1964) en The Young Lovers (Samuel Goldwyn Jr., 1964), sloeg Fonda een nieuwe weg in met hoofdrollen in rebelse B-films: als motorduivel in The Wild Angels (Roger Corman, 1966) en LSD-gebruiker in The Trip (Corman, 1967). Via een Europese rol in het door zijn toenmalige zwager geregisseerde Histoires extraordinaires (segment van Roger Vadim, 1968), belandde hij in het avontuur van Easy Rider, over twee hippies op motorfietsen in het reactionaire Zuiden, dat met een budget van $400.000 en een opbrengst van 60 miljoen dollar Hollywood op zijn kop zou zetten.

Hopper en Fonda kregen beiden carte blanche voor hun volgende project, in beide gevallen een flop: zowel The Last Movie (met Fonda als jonge sheriff; Hopper, 1971) als de bijna psychedelische western The Hired Hand (Fonda, 1971) haalde de Nederlandse bioscoop niet eens. The Hired Hand van en met Fonda werd echter in 2001 door Sundance gerehabiliteerd met een restauratie, die recht deed aan het sublieme camerawerk van Vilmos Zsigmond. Daarna zou Fonda nog twee films regisseren: Idaho Transfer (1973) en de western Wanda Nevada (1979), waarin hij zelf de hoofdrol speelt van de pleegvader van Brooke Shields. Hij vervolgde wel zijn acteercarrière, met wisselend succes: onder meer Two People (Robert Wise, 1973), Dirty Mary, Crazy Larry (John Hough, 1974), Open Season (Peter Collinson, 1974), Race with the Devil (Jack Starrett, 1975), 92 in the Shade (Thomas McGuane, 1975), Killer Force (Val Guest, 1976), Fighting Mad (Jonathan Demme, 1976), Futureworld (Richard T. Heffron, 1976), Outlaw Blues (Heffron, 1977), High-Ballin’ (Peter Carter, 1978), The Hostage Tower (Claudio Guzmán, 1980), The Cannonball Run (Hal Needham, 1981), Split Image (Ted Kotcheff, 1982), Peppermint-Frieden (Marianne Rosenbaum, 1983), The Rose Garden (Fons Rademakers, 1989), een gastrol als motorrijder tegenover dochter Bridget Fonda in Bodies, Rest & Motion (Michael Steinberg, 1993), Nadja (Michael Almereyda, 1994), Escape from L.A. (John Carpenter, 1996), The Limey (Steven Soderbergh, 1999), The Heart Is Deceitful above All Things (Asia Argento, 2004), Ghost Rider (Mark Steven Johnson, 2007), Wild Hogs (Walt Becker, 2007), 3:10 to Yuma (James Mangold, 2007), The Harvest (John McNaughton, 2013) en The Most Hated Woman in America (Tommy O’Haver, 2017).

Plaats een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.