Yoshiko Kuga

93, Tokio?, 9 juni, longontsteking

Japans actrice en producent, artiestennaam van Haruko Koga. Dochter van markies en lid van het Hogerhuis Michiaki Koga. Had hoofdrollen of dragende bijrollen in films als Hakuchi/De idioot (Akira Kurosawa, 1951), Uwasa no onna/The Woman in the Rumor/The Crucified Woman (Kenji Mizoguchi, 1954), Shin Heike monogatari (Mizoguchi, 1955), Higanbana/Equinox Flower (Yasujiro Ozu, 1958), Ohayô/Goedemorgen (Ozu, 1959) en Seishun zankoku monogatari/Cruel Story of Youth (Nagisa Oshima, 1960). In meerdere films van Keisuke Kinoshita, zoals Onna no sono/The Garden of Women (1954), Taiyô to bara/Rose on His Arm (1956), Yuyake-gumo/Farewell to Dream/Clouds at Twilight (1956), Kono ten no niji/The Eternal Rainbow (1958), Kazabana/The Snow Flurry (1959), Kyô mo mata kakute ari nan/Thus Another Day (1959), Haru no yume/Spring Days (1960) en Futari de aruita iku haru aki/Ballad of a Worker (1962). Werd op 15-jarige leeftijd als gevolg van een talentenjacht gecontracteerd door Toho en maakte haar debuut in de episodenfilm Yottsu no koi no monogatari/Four Love Stories (1947). Daarna onder meer in Haru no mezame/Spring Awakens (Mikio Naruse, 1947), Yoidore tenshi/Drunken Angel (Kurosawa, 1948), Furyô shôjo/Bad Girl (Naruse, 1949), Jakoman to Tetsu (Senkichi Taniguchi, 1949), Rinchi/Lynch (Nobuo Nakagawa, 1949), de publiekslieveling Mata au hi made/Till We Meet Again (top-billed; Tadashi Imai, 1950), Ikari no machi/The Angry Street (Naruse, 1950), Yuki fujin ezu/Portrait of Madame Yuki (Mizoguchi, 1950), Ano te kono te/This Way, That Way (top-billed; Kon Ichikawa, 1952), Ani imôto/Older Brother, Younger Sister (Naruse, 1953), Nigorie/An Inlet of Muddy Water/Stained Image (Imai, 1953),

Koibumi/Love Letter (Kinuyo Tanaka, 1953), Okuman choja/A Billionaire (Ichikawa, 1954), Kono hiroi sora no dokoka ni/Somewhere Beneath the Wide Sky (Masaki Kobayashi, 1954), Uruwashiki saigetsu/Beautiful Days (Kobayashi, 1955), Asunaro monogatari/Aiba Arborvitae Story (Hiromichi Horikawa, 1955), Yagyû bugeichô/Yagyu Secret Scrolls (Hiroshi Inagaki, 1957) en het vervolg Yagyû bugeichô: Sôryû hiken (Inagaki, 1958), Banka/Northern Elegy (top-billed; Heinosuke Gosho, 1957), Ôsaka-jô monogatari/Daredevil in the Castle (Inagaki, 1961), Zero no shôten/Zero Focus (top-billed; Yoshitarô Nomura, 1961), Shikonmado Daitatsumaki/Whirlwind (Inagaki, 1964), 226 (Hideo Gosha, 1989), Munô no hito/Nowhere Man/De nietsnut (Naoto Takenaka, 1991), Okoge/Fag Hag (Takahiro Nakajima, 1992), Tokyo biyori/Tokyo Fair Weather (Takenaka, 1997) en Toki o kakeru shôjo/The Little Girl Who Conquered Time (Haruki Kadokawa, 1997). In 1954 richtte Kuga samen met de actrices Keiko Kishi en Ineko Arima de productiemaatschappij Ninjin Club/Ninjin Kurabu op, om betere werkomstandigheden voor acteurs in het studiosysteem mogelijk te maken, maar hun initiatief leverde niet veel op. Na 1970 vooral op televisie en in het theater. Weduwe van acteur Akihiko Hirata.

 

Plaats een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.